placeholder image to represent content

Engelse werkwoorden

Quiz by Docent OVN

Our brand new solo games combine with your quiz, on the same screen

Correct quiz answers unlock more play!

New Quizalize solo game modes
17 questions
Show answers
  • Q1
    Mijn oom heeft een tijdje Vitesse (coachen)
    gecoacht
    gecoached
    coacht
    gecoachet
    30s
  • Q2
    Toen hij had (dealen) werd hij opgepakt door de politie.
    gedealed
    gedealt
    gedealet
    gedeald
    30s
  • Q3
    Heeft Sanne het adres van dat restaurant al (googelen)?
    gegoogelt
    gegoogeld
    googelt
    googlede
    30s
  • Q4
    Aisha (rappen) daarnet het hele nummer mee.
    rapt
    rapde
    rappte
    rapte
    30s
  • Q5
    We hebben de hele ochtend (brainstormen).
    gebrainstormt
    brainstormde
    gebrainstormd
    brainstormt
    30s
  • Q6
    Nico (skateboarden) erg veel.
    skateboart
    skateboardde
    skateboardet
    skateboardt
    30s
  • Q7
    Yessica (daten) volgende week met Jordi.
    date
    datet
    gedatete
    datete
    30s
  • Q8
    Toen Johanna haar pagina (refreshen), liep haar computer opeens vast.
    refreshet
    refresht
    refreshde
    refreshte
    30s
  • Q9
    Heeft de hele buurt die onbetrouwbare garage (boycotten)?
    geboycott
    geboycod
    boycot
    geboycot
    30s
  • Q10
    Heeft Walter gisteren nog (fitnessen)?
    fitneste
    gefitnesd
    gefitnest
    gefitnesst
    30s
  • Q11
    David (kicken) op snelle auto's.
    kicket
    kicken
    kickd
    kickt
    30s
  • Q12
    Barry is zonder problemen (finishen).
    finisht
    gefinisd
    gefinisht
    gefinished
    30s
  • Q13
    Na het examen hebben we bij Armand thuis (chillen).
    gechilt
    gechild
    gechilled
    gechilld
    30s
  • Q14
    De toneelspeler (faken) vanochtend haar boosheid.
    faket
    fakete
    fakede
    fake
    30s
  • Q15
    De directeur (leasen) een auto van die garage.
    leaste
    least
    leaset
    leased
    30s

Teachers give this quiz to your class