
De tijd
Quiz by Annelies Van Esch
Tag the questions with any skills you have. Your dashboard will track each student's mastery of each skill.
Zet seizoenen in de juiste volgorde. Begin met herfst.
Welke maanden horen bij welke seizoenen? Verbind.
Hoeveel dagen zitten er in één jaar? Schrijf het getal in cijfers.
Hoeveel maanden zitten er in één jaar? Schrijf het getal in cijfers.
Hoeveel weken zitten er in één jaar? Schrijf het getal in cijfers.
Hoeveel jaar duurt een eeuw?
Hoeveel weken duurt de paasvakantie?
Welke twee maanden is het zomervakantie?
Verbind wat bij elkaar hoort.
We doen alsof het vandaag dinsdag is. Welke dag was het dan GISTEREN?
We doen alsof het vandaag donderdag is. Welke dag was het dan EERGISTEREN?
We doen alsof het vandaag zaterdag is. Welke dag is het dan MORGEN?
We doen alsof het vandaag maandag is. Welke dag is het dan OVERMORGEN?
In welke maand begint het kalenderjaar?
In welke maand eindigt het kalenderjaar?
In welke maand begint het schooljaar?
In welke maand eindigt het schooljaar?